Stil worden
Ik verblijf op dit moment een aantal dagen in een klooster. Dat doe ik ieder jaar. Dit keer ben ik in Averbode, België. Samen met mijn broer. We zijn er al vaker geweest. Onze zwager was er toen ook bij, maar die moet dit jaar vanwege drukke werkzaamheden verstek laten gaan.
Wat wij doen? Studeren! Mijn zwager is ook predikant. Mijn broer niet, maar hij is huisarts en bovendien afgestudeerd in de filosofie. Hij deelt voor een groot deel onze theologische belangstelling. En dus nemen we elk jaar een boek of artikel mee dat wij samen bespreken. En vervolgens wisselen we onze ervaringen en ideeën uit. In welke familie vind je zoiets?!
Maar het belangrijkste wat wij hier doen is: stil worden en het ontmoeten van elkaar en anderen. Stil worden, vooral tijdens de drie dagelijkse diensten in de prachtige abdijkerk van de Norbertijnen (zoals de broeders van dit klooster heten). Op het moment dat ik dit schrijf ben ik net terug van de morgendienst van zeven uur. Het ochtendlicht viel weer wonderschoon door de hoge ramen in de witte kerk. Dat, samen met de verstilde psalmen en gebeden, brengt je meteen op de toonhoogte van de Geest! Beter kun je de dag niet beginnen. Je wordt stil van binnen.
Stil worden dus. En het ontmoeten van de andere gasten. Dat gaat ongedwongen. Je komt elkaar tegen in de kerk, tijdens een wandeling tussendoor, en vooral: tijdens de maaltijden. Iedereen wordt geacht op tijd bij die maaltijden te zijn, want het gezamenlijk eten is een belangrijk onderdeel van de dag.
Mijn broer en ik zitten elke dag aan tafel met een vast groepje. Er is een zuster die als missiezuster jarenlang in het islamitische Tunesië werkte. En een mevrouw uit Antwerpen. En dan is er Karel uit De Panne die hier kind aan huis is. Allemaal hebben ze hun eigen verhaal. De zuster geeft leiding aan een eigen gemeenschap, maar komt nu even op adem in Averbode. De mevrouw uit Antwerpen verblijft hier om even tot rust te komen nadat ze te horen heeft gekregen dat haar beide ogen zijn aangetast en dat zij een ingrijpende operatie zal moeten ondergaan. En ook Karel heeft zijn reden om hier te zijn: hij had ooit een hoge positie maar na hartproblemen moest hij stoppen met werken; hij vond een nieuwe levensvervulling in het verlenen van hand-en-spandiensten in het klooster.
Verder lopen er nog docenten van een hogeschool rond, die het nieuwe seizoen aan het voorbereiden zijn. En er zijn (zoals gewoonlijk in Averbode) studenten die hier in alle rust blokken voor hun examen. Al die verschillende mensen delen één ding: de behoefte om even het jachtige dagelijkse leven achter zich te laten.
Dat zal misschien in de toekomst de belangrijkste functie zijn van kloosters: rust en retraite bieden. Want van Karel hoorde ik dat het bezoek van dorpelingen aan de kerkdiensten schrikbarend terug is gelopen, zelfs op hoogtijdagen. En met eigen ogen constateer ik dat ook lang niet alle gasten iets hebben met het geloof: je ziet ze niet tijdens de dagelijkse diensten en bij de maaltijden bidden zij niet mee.
Het is dus de stilte die ons bindt en de behoefte ons even af te sluiten van de drukke buitenwereld. Toch dringt die buitenwereld ook in het klooster door. Sinds kort hebben de broeders ook internet, zo ontdekte ik toen ik mijn laptop aanzette. Daarom kunt u, mensen in de drukke buitenwereld, dit stukje nu lezen!
Meer weten over het Norbertijnerklooster? Klik hier

Meest gelezen
Misschien hebt u dat ook weleens: je moet bijvoorbeeld naar de dokter, en je neemt je voor om dit te vragen en dat, maar na afloop ben je toch weer iets vergeten. Stom, stom, stom! Ik had me net zo goed voorbereid! Ja, kennelijk... Lees de hele column »
Ik verblijf op dit moment een aantal dagen in een klooster. Dat doe ik ieder jaar. Dit keer ben ik in Averbode, België. Samen met mijn broer. We zijn er al vaker geweest. Onze zwager was er toen ook bij, maar die moet dit jaar... Lees de hele column »
‘Een broedende kip moet je niet storen,’ luidt een gezegde. Dat geldt ook voor de broedende zwaan in de vijver voor ons huis. Toen er op Koninginnedag een demonstratie van modelboten gehouden werd, en de zwaan die... Lees de hele column »